Pop-Up Wijkagenten SBDL

De  wijkagenten  Stad binnen de Linie gaan zeer binnenkort iedere week ergens in de wijk een pop-up uur opstarten

Locaties kunnen zijn:

  • In een buurthuis,
  • Op scholen,  
  • Winkels als Albert Hein en Deka markt,
  • De bibliotheek
  • Op markten zoals de Juttersmarkt  en de zaterdagmarkt
  • Of zomaar ergens op de hoek van de straat.

 

Daar waar mensen bij elkaar komen en/of waar problemen zijn zullen zij gaan op-poppen.
De bedoeling is om straten op:
1 maart in de Kroonpassage om 19.00 uur tot 20.00 uur

De pop-up zal door iedere wijkagent worden opgepakt. De bekendmaking zal via de krant of sociale  media plaatsvinden

Daarbij wordt er gestart met een wekelijks  spreekuur in het centrum in het gebouw naast parkeerbeheer op iedere woensdag van 13.00 uur tot 14.00 uur

 

Namens alle wijkagenten 

 

oranjebalk2

Wie zijn wij? klik HIER

oranjebalk2

Uw mening telt klik HIERoranjebalk2

Voor alle Acties vanuit het Wijkplatform SBDL klik HIERoranjebalk2

Voor belangrijke telefoonnummers klik HIER
oranjebalk2

Volg ons op Facebook klik  HIER
oranjebalk2

 

Zebrapad Ruyghweg mede door Wijkplatform gerealiseerd

Door inzet van uw Wijkplatform SBDL in samenwerking met bewoners, de Fietsersbond, Basisschool de Drietand en de Gemeente Den Helder, afgelopen week is er een zebrapad gerealiseerd op de Ruyghweg ter hoogte van het groen plantsoen  in de Reigerstraat.
Dit zebrapad was een langgekoesterde wens van buurtbewoners en de Basisschool de Drietand.
VOOR oude-geen-vop
NAimg-20161213-wa0000
img-20161213-wa0001img-20161213-wa0007img-20161213-wa0015

Voor meer artikelen over dit onderwerp op onze website klik op onderstaande links:

http://www.wijkplatformstadbinnendelinie.nl/zebrapad-ruyghwegreigerstraat/

http://www.wijkplatformstadbinnendelinie.nl/kruising-ruyghweg-fabrieksgracht-en-zebrapad-ruyghweg/

http://www.wijkplatformstadbinnendelinie.nl/notices/kruising-ruyghweg-fabrieksgracht-en-zebrapad-ruyghweg/

overlastgever voortaan makkelijker uit de wijk te weren

horen-zien-meldenBELANGRIJK OM TE VERMELDEN IS
DAT OMWONENDE BIJ OVERLAST DEZE OVERLAST MOETEN BLIJVEN MELDEN BIJ ZOWEL GEMEENTE/WONINGSTICHTING/POLITIE
(dit is overigens anoniem!)

Tweede Kamer stemt voor uitbreiding ‘Rotterdamwet’

Een wet die het mogelijk maakt om overlastgevers als nieuwe huurders te weren uit wijken of straten waar al sprake is van ernstige problemen met de leefbaarheid, is aangenomen in de Tweede Kamer.

Een ruime meerderheid van de Kamer stemde in met de zogenoemde ‘Rotterdamwet’. Mensen zonder inkomen kunnen uit ‘zwakke buurten’ worden geweerd.

Dat geldt ook voor mensen met een crimineel verleden of die bekend staan als overlastveroorzakers. Ook kunnen huurders worden tegengehouden die in het verleden hebben gerekruteerd voor de jihad.

Goedkeuring van minister
Gemeentes kunnen inzage vragen in politiegegevens voordat zij een huisvestingsvergunning verstrekken. Wijken waar dit beleid gaat gelden moeten na een verzoek van de gemeenteraad worden goedgekeurd door minister Blok van Wonen.

stef-blok-ANP_0

Ruime meerderheid
De Tweede Kamer heeft 29 maart 2016  met ruime meerderheid ingestemd met een uitbreiding van de Wet bijzondere maatregelen grootstedelijke problematiek (‘Rotterdamwet’). Minister Blok (Wonen) wil met de aanpassingen gemeenten de mogelijkheid geven om notoir overlastgevende en criminele woningzoekers te weren uit een wijk, straat of complex waar sprake is van ernstige leefbaarheidsproblemen.

De ‘Rotterdamwet’ geeft gemeenten nu de mogelijkheid om in aangewezen gebieden geen huurwoningen toe te wijzen aan mensen zonder inkomen uit arbeid. Ook kunnen gemeenten ervoor kiezen om speciale groepen voorrang te geven. Dit wordt nu uitgebreid met de mogelijkheid om woningzoekenden met een crimineel verleden of aanhoudend overlastgevend gedrag  te weren en zo de leefbaarheid en veiligheid te verbeteren binnen een bredere aanpak.

De wet kan straks ook worden ingezet om potentiële huurders te weren van wie bekend is dat ze in het verleden mensen hebben gerekruteerd voor extremistische organisaties. Zo kan worden voorkomen dat anderen radicaliseren of terroristische activiteiten gaan ontplooien.

Gemeenten kunnen woningen selectief toewijzen aan woningzoekenden door inzage in politiegegevens of door van woningzoekenden een verklaring omtrent gedrag (VOG) te vragen, voordat een huisvestingsvergunning wordt verleend. In de wet staan waarborgen voor een zorgvuldige verwerking en beoordeling van deze gegevens met aandacht voor de privacy van woningzoekenden.

Verder is er de mogelijkheid om een huisvestingsvergunning te verstrekken met voorschriften in de vorm van een gedragsaanwijzing die in relatie staan tot de feiten die uit de politiegegevens naar voren zijn gekomen.

De minister voor Wonen en Rijksdienst beoordeelt of de aanvraag van de gemeenteraad om gebruik te maken van de maatregel voor selectieve woningtoewijzing gerechtvaardigd is.

De Kamer heeft een aantal amendementen en moties aangenomen. Zo voorziet de wet in de mogelijkheid om beslistermijnen te verkorten. Dat voorkomt te lange legstand van een woning. Ook werd de motie Madlener (PVV) aangenomen. Daarin wordt benadrukt dat gemeenten bij hun aanvraag voor een zogeheten ‘gebiedsaanwijzing’ ook moeten aangeven of ze overwegen om overlastgevers alternatief te huisvesten op plekken waar ze niemand tot last kunnen zijn.

 oranjebalk2Voor belangrijke telefoonnummers klik hieroranjebalk2

Een gesprek met kinderen over drugs: hoe doe je dat?

Het zou goed zijn als ouders meer met hun kinderen praten over de risico’s van het gebruik van drugs tijdens het uitgaan. Omdat ouders vaak niet op de hoogte zijn van uitgaansdrugs, gebeurt dat nu te weinig. Dat heeft staatssecretaris Martin van Rijn (VWS) donderdag gezegd op het congres dat speciaal voor gemeenten en professionals is georganiseerd over drugs.

6 Tips:

Hoe praat je met jouw kind over drugs?
Van Rijn: ‘Een pilsje en wellicht een joint: daarmee hebben ouders in Nederland zelf nog wel enige ervaring. Daarover komt een gesprek met de kinderen vaak als vanzelf op gang. Maar de tijden zijn anders, de drugs zijn anders. Ouders hebben vaak geen idee of hun kind harddrugs gebruikt of in een omgeving zit waar het normaal wordt gevonden om een pilletje te nemen, omdat zij dat niet herkennen uit hun eigen jeugd. Dat kan een goed gesprek nogal in de weg staan, terwijl het juist in die gevallen essentieel is dat er wel gepraat wordt.’

Uw kind en uitgaansdrugs
Hoe begin je zo’n gesprek? En op welke leeftijd werkt dat het best? Die informatie vinden ouders en andere geïnteresseerden op de website www.uwkindenuitgaansdrugs.nl. Volgens Van Rijn is het van groot belang dat ouders deze gesprekken aangaan, omdat de Rijksoverheid en andere partijen zoals scholen, weliswaar veel kunnen doen en doen op het gebied van voorlichting, maar de taak en invloed van ouders nooit kunnen vervangen.

Rol voor gemeenten
Ouders staan natuurlijk niet alleen. Naast de overheid en scholen hebben ook gemeenten een belangrijke rol in het tegengaan van drugsgebruik door jongeren. Het meeste gebruik van xtc en cocaine gebeurt tijdens het uitgaan en bijvoorbeeld bij bezoek aan festivals. Gemeenten verlenen vergunningen aan festivals. Via vergunningen kunnen gemeenten regelen dat een evenement zo veilig en gezond mogelijk verloopt. Zonder incidenten met drugs en alcohol. Om ervoor te zorgen dat gemeenten niet zelf het wiel hoeven uitvinden, verschijnt vandaag (16 maart 2016) de Handreiking evenementen.

 

Als kleine kinderen groot worden

Als kleine kinderen groot worden

‘Als kleine kinderen groot worden’ is een interactieve vorming voor ouders van tieners om tabak-, alcohol-, ander druggebruik en gamen bij hun kinderen te voorkomen of uit te stellen. Want wie bijvoorbeeld achttien jaar oud is en nooit heeft gerookt, heeft een relatief kleine kans om hier nog mee te starten.

De vorming helpt ouders in hun vaardigheden om tabak- alcohol- en druggebruik van hun kinderen te voorkomen en om hun op een verantwoordelijke manier te leren omgaan met gamen.

Voor wie?
Ouders van jongeren tussen 10 en 15 jaar. Er is een aangepaste versie voor ouders die in een maatschappelijk kwetsbare positie

Wie kan ‘Als kleine kinderen groot worden’ organiseren?
Scholen, lokale besturen, CGG’s, organisaties die kwetsbare mensen bereiken, Huizen van het Kind…
http://logogezondplus.be/andere-themas

 

staatssecretaris Van Rijn legt lat langdurige zorg hoger

De lat in de langdurige zorg gaat verder omhoog.

Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport

Martin_van_Rijn_2012_(highres)Die zorg kan beter door meer te luisteren naar wat mensen willen en uit te gaan van hun wensen en verwachtingen.
Daarom start staatssecretaris Martin van Rijn (VWS) een experiment met persoonsvolgende bekostiging in de Wet langdurige zorg.

Persoonsvolgende bekostiging houdt in dat een zorgaanbieders pas een vergoeding krijgt voor het leveren van zorg op het moment dat een cliënt zijn voorkeur voor hen uitspreekt. Het geld volgt de keuze van de cliënt, niet andersom. Volledige persoonsvolgende bekostiging kan grote gevolgen hebben, maar vergroot keuzemogelijkheden en geeft vernieuwing meer kans. Van Rijn kondigt het experiment aan in zijn vrijdag verzonden brief ‘Waardig leven met zorg’.

Luisteren naar voorkeuren

Van Rijn: ‘De tijd is gekomen dat de zorg zich aan de mensen aanpast in de plaats van andersom. De Wet langdurige zorg garandeert goede zorg en een veilige woonomgeving. Dat is mooi, maar niet meer genoeg. Verpleeghuizen en andere zorgaanbieders zullen meer en meer moeten luisteren naar de voorkeuren van hun potentiële bewoners. Waar zouden ze willen wonen? Met wie? En hoe zouden zij hun zorg willen ontvangen? Daar is een fundamentele verschuiving voor nodig en dat is niet gemakkelijk, maar persoonvolgende bekostiging is een goede, eerste stap.’

Contracteren pgb-zorg

Van Rijn noemt in zijn brief meer verbeteringen van de Wlz. Zo kiezen veel mensen voor een persoonsgebondenbudget (pgb) omdat zij een voorkeur hebben voor een pgb-gefinancierd wooninitiatief. Een pgb brengt echter ook forse verantwoordelijkheden met zich mee. Om deze populaire, vaak kleinschalige woonvormen voor iedereen bereikbaar te maken, maakt Van Rijn afspraken met zorgkantoren en zorgaanbieders om initiatieven desgewenst om te zetten in zorg in natura. Op die manier worden de vernieuwingen van het pgb ook bereikbaar voor mensen zonder een zorgbudget en leert de reguliere zorg van deze initiatieven.

Waardigheid en trots

Waardig leven met zorg sluit aan bij de eerdere plannen van Van Rijn, zoals ‘Waardigheid en Trots’, de ‘Dementievriendelijke samenleving’ en het binnenkort uit te brengen plan van aanpak Gehandicaptenzorg. Dit plan richt zich op de zorginkoop, de bekostiging en de verantwoording die drempels opwerpen voor zorgaanbieders om de cliënten te laten leven zoals zij dat wensen.

Wet langdurige zorg

Ruim 280.000 mensen in Nederland kunnen vanwege ouderdom, (chronische) ziekte, een lichamelijke, zintuiglijke of verstandelijke beperking of chronische psychiatrische problematiek niet (meer) zelfstandig wonen. Zij hebben 24 uur per dag mensen in hun nabijheid nodig en zijn voor de meest vanzelfsprekende zaken in het leven afhankelijk van anderen. Zij vallen onder de Wet langdurige zorg. De Wlz verving de AWBZ en is die op een aantal belangrijke punten voorbij gestreefd.

Hervorming langdurige zorg

Het leveren van maatwerk en daarmee verbeteren van de kwaliteit van de zorg is vanaf diens aantreden een speerpunt van Van Rijn geweest. De Wet maatschappelijke opvang is gericht op participatie en regelt hulp en ondersteuning van de gemeenten, toegesneden op de persoonlijke omstandigheden van mensen. Met het plan ‘Waardig leven met zorg’ introduceert Van Rijn die invalshoek nu ook in de Wlz.

Download PDF document klik hier of op de link: kamerbrief over waardig leven met zorg

Infographic-Passende-zorg-Wet-langdurige-zorg

oranjebalk2
Kijk op onze pagina Rijksoverheid voor meer info over de Rijksoverheid klik hier

Klik hier voor nieuws vanuit de Rijksoverheid,
of gaan via homepagina naar de rubriek Rijksoverheid

Gaat het mis tussen u en de overheid?…… Wij staan voor u klaar

Over de Nationale ombudsman

De Nationale ombudsman staat voor u klaar als het misgaat tussen u en de overheid.

ombudsman-reinier-van-zutphenDe Nationale ombudsman is onafhankelijk en onpartijdig. Hij doet zijn werk met een team van zo’n 170 specialisten.  Reinier van Zutphen is sinds 1 april 2015 Nationale ombudsman.

Wij helpen burgers op weg die een probleem hebben met de overheid. En wij laten overheidsinstanties weten hoe zij hun dienstverlening kunnen verbeteren. Bij problemen of klachten kan de Nationale ombudsman een onderzoek starten.

 

Eerst klagen bij de overheidsinstantie zelf
De Nationale ombudsman is een voorziening ‘in de tweede lijn’.
Dat betekent dat u met een klacht eerst gebruik moet maken van de klachtregeling bij de overheidsinstantie zelf.
Wij vinden het namelijk belangrijk dat de instantie eerst de kans krijgt de klacht naar uw tevredenheid op te lossen.
Pas als u er samen met de overheidsinstantie niet uitkomt, kan de Nationale ombudsman uw klacht behandelen.

Problemen groot of klein tussen u en bv:

  • Overheid
  • Gemeente
  • Politie
  • UWV
  • Belastingdienst

handen

Wat wel en niet mag (bevoegdheden)
Wat de Nationale ombudsman wel en niet mag doen, ligt vast in de Algemene wet bestuursrecht.
Zijn benoeming is geregeld in de wet Nationale ombudsman .
De onafhankelijkheid van de Nationale ombudsman is terug te vinden in de Grondwet, hoofdstuk 4, artikel 78a.

De Nationale ombudsman doet onderzoek naar aanleiding van klachten van burgers.
Hij kan ook een onderzoek starten op eigen initiatief.

In het onderzoek heeft de Nationale ombudsman veel bevoegdheden.
Zo is de overheidsinstantie verplicht om mee te werken aan het onderzoek van de ombudsman.
Ook voor getuigen is het onderzoek niet vrijblijvend; meewerken aan een onderzoek is verplicht.
De ombudsman mag zelfs zo ver gaan dat hij getuigen thuis laat ophalen om aan het onderzoek mee te werken.

De Nationale ombudsman heeft bijna de hele overheid als werkterrein: de ministeries en hun onderdelen (zoals de Belastingdienst), andere bestuursorganen (zoals het UWV, de Sociale Verzekeringsbank en de Dienst Uitvoering Onderwijs, de politie, de waterschappen, de provincies en een groot aantal gemeenten.

Sinds 10 oktober 2012 is de Nationale ombudsman ook bevoegd om klachten over de lokale besturen op de eilanden Bonaire, Sint Eustatius en Saba te behandelen. Dit betekent dat de Nationale ombudsman klachten mag behandelen over alle overheidsinstanties op de eilanden, zoals de Belastingdienst, het Openbaar Ministerie, politie en burgerzaken.

3D Character and Question MarkU belt ons en dan?

  1. We bekijken samen of wij iets voor u kunnen betekenen.
  2. We laten u weten wat de volgende stap is.
     Kunnen we u niet verder helpen?
           Dan proberen we u door te verwijzen.

3D Character and Question MarkU schrijft ons en dan?

  1. U krijgt een ontvangstbevestiging binnen 5 werkdagen (alleen bij schriftelijke klachten).
  2. We nemen binnen 3 weken contact met u op.
  3. We informeren u over de voortgang en de uitkomst

 

Alleen over gedragingen
De Nationale ombudsman behandelt geen klachten over het beleid van de regering, of over de inhoud van wetten.
Wel als het over gedragingen gaat; dus over de manier waarop instanties hun overheidstaken uitvoeren.
Dan mag de Nationale ombudsman een onderzoek beginnen. Bijvoorbeeld als een brief of verzoek traag behandeld is of als er geen reactie komt op een vraag van een burger. Of als een wettelijk voorschrift onjuist wordt toegepast.

Als de burger bezwaar kan maken of in beroep kan gaan bij de overheidsinstantie zelf, dan kan de Nationale ombudsman meestal niets doen. Hij zal dan verwijzen naar de instantie die het bezwaar of beroep kan behandelen.

Geen macht wel gezag
De overheidsinstantie waarover de klacht gaat, bepaalt zelf welke gevolgen het oordeel van de Nationale ombudsman heeft.
Daarin is het oordeel van de Nationale ombudsman anders dan de uitspraak van de rechter.
Een uitspraak van een rechter is bindend. Uitspraken van de Nationale ombudsman kunnen niet worden afgedwongen.
De Nationale ombudsman moet het dus hebben van zijn gezag. Dat gezag wordt vooral bepaald door de kwaliteit van het werk: een zorgvuldig onderzoek naar de feiten, een goed onderbouwde en overtuigende beoordeling en een rapportage in leesbare vorm.

Klacht over de Nationale ombudsman
Als iemand een klacht heeft over de Nationale ombudsman of één van zijn medewerkers,
dan wordt deze klacht behandeld volgens de Klachtregeling Bureau Nationale ombudsman.
Deze regeling geldt als u klaagt over de manier waarop u door de Nationale ombudsman behandeld bent.
Uitspraken van de ombudsman in de media zullen hier in het algemeen niet toe behoren, omdat u door deze uitspraken niet persoonlijk benaderd of benadeeld bent.

Voor directe link naar de website klik hier of op link: www.nationaleombudsman.nl

oranjebalk2Kijk op onze pagina Rijksoverheid voor meer info over de Rijksoverheid klik hier

Klik hier voor nieuws vanuit de Rijksoverheid,
of gaan via homepagina naar de rubriek Rijksoverheidoranjebalk2Voor belangrijke telefoonnummers klik hieroranjebalk2

Communicatiebeleid van de overheid

Binnen de Rijksoverheid zijn afspraken gemaakt die ervoor zorgen dat alle departementen vanuit dezelfde principes communiceren. Dit geldt bijvoorbeeld bij voorlichtingsactiviteiten of communicatie over nog niet aanvaard beleid.

Informatie en communicatie

Het belangrijkste doel van de overheidscommunicatie is te voldoen aan het recht van de burger op informatie van de overheid. Dit recht ligt vast in de Grondwet en de Wet Openbaarheid van Bestuur. De overheid moet deze informatie actief openbaar maken.

Ook hebben burgers recht op communicatie door en met de overheid. Burgers kunnen informatie vragen van de overheid, meedenken, hun mening geven of een klacht uiten. Het is belangrijk dat zij de overheid makkelijk kunnen benaderen voor informatie. Dit betekent dat de overheid informatie geeft over de werking van de overheid en de besluitvormingsprocessen, nieuw beleid aankondigt en uitlegt, en burgers betrekt in verschillende fasen van het proces van beleidsvorming.

Een paar concrete voorbeelden:

  • Informatie Rijksoverheid, het informatieloket voor burgers met vragen aan de overheid, beantwoordt jaarlijks een kleine 300.000 vragen. De website www.rijksoverheid.nl wordt miljoenen keren per jaar geraadpleegd.
  • In de wekelijkse persconferentie vertelt de minister-president over wat in de ministerraad is besloten. Via publiekscampagnes op radio, televisie en internet wordt de burger geïnformeerd over het beleid van de overheid.
  • De Belastingdienst probeert de procedure voor belastingaangifte en de aanvraag van toelagen zo makkelijk mogelijk te maken via internet.

Uitgangspunten overheidscommunicatie
Binnen de Rijksoverheid zijn afspraken gemaakt die ervoor zorgen dat alle departementen vanuit dezelfde principes communiceren. De Rijksoverheid past deze uitgangspunten overheidscommunicatie toe bij de toetsing van voorgenomen voorlichtingsactiviteiten (zoals campagnes), in persvoorlichting en woordvoering.

Zo moet de overheid bijvoorbeeld altijd duidelijk als afzender worden benoemd. Ook is de communicatie van de rijksoverheid altijd gericht op de inhoud van beleid en niet op de persoonlijke ‘imagebuilding’ van bewindspersonen. Een bewindspersoon zal dus ook nooit figureren in een spotje van de Rijksoverheid. Ook maakt de Rijksoverheid in haar communicatie altijd melding van de beleidsfase waarop de informatie betrekking heeft: is het al door het parlement aanvaard of niet?

De uitgangspunten worden waar nodig aangepast aan ontwikkelingen in de samenleving en het vakgebied. Zo wordt nu bijvoorbeeld gekeken naar wat de opkomst van social media betekent voor deze uitgangspunten.

Niet-aanvaard beleid
Voor communicatie over een beleidsvoornemen waarover het parlement zich nog niet heeft uitgesproken is de Richtlijn niet aanvaard beleid opgesteld. Communicatie over niet aanvaard beleid is soms wenselijk om de bevolking alvast te informeren, zodat de invoering van een nieuwe wet of regeling op het geplande tijdstip kan plaatsvinden. In andere gevallen kan eerder voorlichten nodig zijn omdat het thema breed in de maatschappelijke belangstelling staat en de overheid nog niet deelneemt aan de discussie.

In de richtlijn is vastgesteld dat communicatie over niet aanvaard beleid mag, mits:

  • de informatie feitelijk van aard en zakelijk van toon is;
  • de overheid herkenbaar is als afzender;
  • gecommuniceerd wordt in redelijke verhouding tot anderen (proportionaliteit);
  • inhoud van beleid centraal staat en niet de bestuurder;
  • duidelijk wordt aangegeven in welke fase het beleid zich bevindt en hoe het verder gaat.

In de richtlijn wordt specifiek aandacht geschonken aan de mate waarin een onderwerp controversieel is. Daarnaast is in de richtlijn de tekst van een disclaimer opgenomen, die dient om een duidelijk onderscheid te maken tussen communicatie over niet aanvaard beleid en communicatie over aanvaard beleid.

Beslismodel vertalen
De Rijksoverheid vertaalt haar informatie in principe niet. Er zijn vaak doeltreffender manieren om allochtonen in Nederland te bereiken. Voor bepaalde doelgroepen en in bijzondere situaties maakt de overheid een uitzondering. Onderstaand overzicht geeft antwoord op de vraag of een vertaling nodig is.

In de RVD-Communicatiereeks ‘Afspraken’ is een uitgave (nr. 4 – Vertaalbeleid van de overheid) verschenen waarin de afspraken over vertalen van overheidsinformatie zijn vastgelegd. Deze uitgave licht de uitzonderingen toe, geeft advies in welke talen het beste kan worden vertaald en op welke wijze allochtonen wel goed in het Nederlands te bereiken zijn.

Uitgangspunten online communicatie rijksambtenaren
Internet biedt veel nieuwe mogelijkheden om kennis, ideeën en ervaringen te delen. Voor ambtenaren kan deze kennis een bron van informatie zijn voor nieuw beleid. Inzicht in de sentimenten en standpunten van publiek en deskundigen is nodig om beleid te maken dat wordt geaccepteerd. Andersom kan een ambtenaar met zijn kennis en ervaring iets betekenen voor de gemeenschap, of hij kan publiek en deskundigen betrekken bij beleidsontwikkeling.

De manier waarop rijksambtenaren online communicatie gebruiken om hun professionele taak te vervullen staat beschreven in de publicatie Uitgangspunten online communicatie rijksambtenaren.